De tuin plan je meestal te laat en dat kost je jaren

 

Bij vrijwel elk bouw- of verbouwproject gaat het zo. Eerst de constructie, dan de installaties, dan keuken en badkamer, dan afwerking. En als het geld en de energie het nog toelaten: de tuin. Begrijpelijk. Je woont in het huis, niet in de tuin. Maar er zit één element in je plannen dat zich niet laat inhalen, en dat is precies het element dat altijd achteraan in de rij staat.

Alles in je huis is op de opleverdag klaar
Een keuken is af op de dag dat hij geplaatst wordt. Een vloer is af. Een dakkapel is af. Je kunt de hele binnenkant van een woning in vier maanden van niets naar perfect brengen. Een boom niet. Een hoogstam fruitboom die je vandaag plant, geeft over zes tot acht jaar zijn eerste serieuze oogst en is pas na vijftien jaar een boom waar je onder zit. Een beukenhaag heeft drie tot vier seizoenen nodig voordat hij echt dicht is. Een klimplant tegen een gevel doet er twee jaar over voordat je hem ziet. Dat betekent dat de tuin het enige onderdeel van je project is waar uitstel zich niet in geld maar in tijd laat uitdrukken. Stel je de aanplant twee jaar uit, dan heb je over tien jaar niet een tuin die twee jaar duurder was — je hebt een tuin die twee jaar jonger is. Dat verschil haal je nooit meer terug.

En er is een praktische reden die zwaarder weegt
Bouwverkeer verdicht de grond. Kranen, kiepwagens, stapels stenen, een container die drie maanden op dezelfde plek staat: de bodem onder je toekomstige tuin wordt in de loop van een verbouwing systematisch samengeperst. Verdichte grond laat geen water door en geen wortels in. Plant je daarna een boom, dan graaf je in feite een emmer in de klei: het plantgat vult zich met water dat nergens heen kan, en de wortels blijven binnen de rand van het gat draaien. Zo'n boom kwijnt drie jaar en gaat dan dood, en niemand legt het verband met de kraan die er twee jaar eerder stond.

Wat je hieraan kunt doen, in volgorde van effectiviteit:

  1. Bepaal vooraf waar het groen komt en leg die zones af. Geen opslag, geen verkeer, geen keet.
  2. Plant bomen en hagen vóór de bestrating. Niet erna, want dan moet je tegels lichten en werk je in grond die al beschadigd is.
  3. Laat verdichte grond woelen voordat je plant, tot minimaal een halve meter diep. Alleen de bovenlaat omspitten is niet genoeg.
  4. Bewaar je teelaarde apart. Die laag van dertig centimeter is het waardevolste wat er op je kavel ligt. Laat hem niet onder het zand of het bouwafval verdwijnen.

Wat wel kan wachten
Niet alles hoeft vroeg. Borders, vaste planten, gras, terrasmeubels en verlichting kun je zonder verlies naar het eind schuiven — die zijn binnen één seizoen op sterkte. De vuistregel is simpel: alles wat meer dan drie jaar nodig heeft om volwassen te worden, hoort in fase één. Alles wat binnen één jaar staat, kan in de laatste fase.

Waarom fruit een dubbele investering is
Ga je toch vroeg planten, dan is het de moeite waard om verder te kijken dan sierbomen. Fruitbomen doen in een tuin twee dingen tegelijk. Ze geven dezelfde structuur, schaduw en hoogte als een sierboom — in het voorjaar zelfs spectaculairder — en ze leveren daarnaast iets op. Een hoogstam appel- of perenboom van een oud ras gaat zestig tot tachtig jaar mee, wat betekent dat hij je huis waarschijnlijk overleeft. Let daarbij op de onderstam. De bomen die je in de aanbieding vindt staan meestal op een zwakke onderstam: snel vrucht, maar klein en met een levensduur van twintig jaar. Wil je een boom die de maat van je tuin en de duur van je plannen aankan, dan kom je bij het oudere sortiment uit. Wie serieus fruitbomen wil kopen voor de lange termijn, let dus eerst op de stamvorm en het ras, en pas daarna op de prijs.

Zet het op je lijstje
Praktisch gezien: neem de tuin mee in het gesprek met je architect of aannemer, niet in het gesprek dat je twee jaar later met jezelf hebt. Eén middag nadenken over waar het groen komt te staan, bespaart je later een kraan, een lading nieuwe grond en een paar verloren seizoenen. Op Beurs Eigen Huis kun je hier met tuin- en terrasspecialisten over doorpraten voordat de schop de grond in gaat. Dat is precies het moment waarop het nog iets uitmaakt.